Een 22-jarige veteraan in afwijzingen

Ze is pas net 22 jaar, Monika Prins uit Krimpen aan den IJssel. En toch is ze al veteraan als het gaat om afwijzingen bij sollicitaties. In eerste instantie kon ze daar wel begrip voor opbrengen. “Lange tijd vond ik het logisch, want het was voor een werkgever ook niet leuk een persoon zoals ik aan te nemen.”

Sarcoïdose is de naam van een auto-immuunziekte met ontstekingen aan het bindweefsel en met reumatische klachten. Monika kwam ermee ter wereld, maar de definitieve diagnose werd pas gesteld toen ze 6 jaar was. Ze ging ‘vol’ aan de prednison en dat bleef niet zonder gevolgen. Eerst was ze de langste van de klas, later stokte haar groei. “Ik kwam 25 kilo aan en was niet veel later de kleinste van de klas.” Het feit dat Monika er anders uitziet dan een gemiddelde scholier bleef niet onopgemerkt. Een groepje dat haar uitschold voor ‘varkentje’ kreeg meteen lik op stuk: ”Ik ben niet op mijn mondje gevallen en kon stevig terugschelden.” Meer moeite had ze met boosaardige roddels waarbij werd gesuggereerd dat ze dik was van de hamburgers. “Dat deed wel pijn. Terwijl ik tegelijkertijd ook dacht: jullie weten totaal niet wie ik ben en waarom ik er zo uitzie.” 

Foute keuze

Met haar vmbo-diploma op zak maakte Monika een ongelukkige keuze. Ze koos voor een mbo-opleiding sociaal werk. En omdat ze immers ‘niks mankeerde’ koos ze meteen ook maar voor een stage in de gehandicaptenzorg. “Maar om met reumatische klachten mensen die half verlamd zijn te gaan wassen, was niet zo slim natuurlijk”, blikt ze met een verontschuldigende lach terug op deze misstap. Ze brak haar opleiding af en eindigde zwaar depressief thuis op de bank.

Vanuit een schuldgevoel ging ze na verloop van tijd naarstig op zoek naar werk, maar elke sollicitatie liep uit op een fiasco. Meldde ze haar ziekte netjes in haar brief, dan werd ze niet uitgenodigd voor een gesprek. Toen ze een keer niks meldde, kreeg ze wél een baantje maar dat was van korte duur: ”Ik was in mijn eerste week drie dagen ziek en moest in die week ook nog een dag naar het ziekenhuis. Toen moest ik wel opbiechten wat er aan de hand was en was het alsnog voorbij.” 

Meldpunt

Draag een steentje bij door jouw ervaring te delen

Heb JIJ ervaring met hinder op de arbeidsmarkt door je beperking? Help mee om dit probleem op te lossen en deel je verhaal met ons! Lees verder.

Keerpunt

Terugkijkend snapt Monika de werkgevers ook wel die haar in die tijd op sollicitatiegesprek kregen en de deur wezen. “Ik was depressief en heel negatief over mijn ziekzijn.  En onzeker. Mijn ziekte gaat, zoals mijn moeder dat zegt, net als de economie op en neer. Je weet dus niet wat je een werkgever kunt bieden. Het is superlastig dat ik niet kan zeggen of ik volgende week wel of niet op het werk ben.” Het keerpunt kwam nadat ze een aantal cursussen bij Emma at Work doorliep – “daar heb ik geleerd om te praten” - en na gesprekken met een maatschappelijk werker. Ze hervatte haar opleiding en vond bij Vluchtelingenwerk Nederland een stageplek die haar op het lijf is geschreven. “Een kantoorfunctie, maar wel één waarbij ik mensen kan helpen.” Een doorslaggevend moment was haar sollicitatiegesprek bij Vluchtelingenwerk. “Die vrouw vroeg me ‘waarom zou ik je niét aannemen?’ Dat was een regelrechte ‘eyeopener’; voor mij was altijd de vraag ‘waarom zou iemand mij wél aannemen?”

Slakkentempo

Komende zomer rondt Monika haar studie af en hervat ze haar zoektocht naar een baan. Waarbij ze ditmaal beter beslagen ten ijs komt. “Ik weet steeds beter wat ik aankan en dat ik niet te veel van mezelf moet eisen, omdat ik niet weet hoe het morgen gaat. Dat is ook mijn advies aan lotgenoten. Blijf praten over je beperking en krop geen zaken op. Aanvaard je lot. Probeer dat niet weg te schuiven en denk ook niet dat het geaccepteerd is. Ik heb lang gedaan alsof ik niet ziek was. Dat kan niet, want je bent het wél. Dat moet je leren accepteren. En je toekomstige werkgever ook. Ik heb een motto opgepikt waar ik veel steun aan heb. Het luidt: ‘door vol te houden bereikte de slak de ark’. Zo denk ik er ook over. Uiteindelijk lukt het wel. Op je eigen manier is prima. Gaat het niet rechts, dan mag je ook wel links gaan.”