Jaarverslag 2013

‘Als we boomstammen op de weg zien, proberen we die op te ruimen’

Van ‘zak met geld’ en ‘brievenbus met aanvragen’ voor leuke projecten naar onafhankelijk ‘innovatiecentrum’ inzake sociaal ondernemen en arbeidsmarktbeleid voor kwetsbare werkzoekenden. In kort bestek komt hier de omslag op neer die Start Foundation tegenwoordig kenmerkt. Oók in 2013. “Jaren koersten we op het idee dat onze activiteiten om tot een inclusieve economie te komen, min of meer automatisch door anderen zouden worden overgenomen. Dat bleek een naïeve gedachte. Zo werkt het in de praktijk niet. Nederland is daarvoor te veel het land van de losse projecten. Zodat je als organisatie in feite constant met producten op de markt komt die afzonderlijk bezien wel succes boeken, maar in algemene zin toch te weinig zoden aan de dijk zetten”, zegt Jos Verhoeven, directeur van Start Foundation.

‘Zijn er specifieke sectoren of soort bedrijven waar jullie je op richten voor wat betreft investeringen? En waarom juist die sectoren of bedrijven?’

Samen met andere partners optrekken om de positie van de doelgroepen te versterken, is daarom voortaan het parool van de maatschappelijk investeerder. En dat blijkt resultaten op te leveren, vindt Verhoeven. “We hebben nog nooit zo veel aanvragen ontvangen als vorig jaar. En niet alleen om geld. Steeds vaker vraagt men ons ook om onze visie op plannen en wil men van onze kennis en ervaring gebruikmaken. Waarbij wij ons altijd autonoom opstellen en geen politieke agenda hanteren. Daarnaast moeten we onze fondsen zo goed en zinvol mogelijk besteden.”

Hoewel de eerste verhalen opduiken over een herstel van de economie, is Jos Verhoeven daar eerder sceptisch over dan enthousiast. “2013 was het slechtste jaar van het afgelopen decennium. Onze bedrijfsfinancieringen stonden vooral in het teken van schadebeperking, terwijl je anders zou willen. En met 700 duizend werklozen en 90 duizend vacatures zal 2014 ook niet makkelijk worden. Zeker niet voor hen die toch al kwetsbaar zijn. Leerwerkbedrijven vormen vaak een veilige haven voor onze doelgroepen, maar die zijn er vanwege de crisis ook steeds minder. En ik ben erg bezorgd over de enorme terugloop van het aantal BBL-stages. Daar willen wij als Start Foundation extra actie op gaan ondernemen. We zijn een wendbaar schip, anticiperen snel. Als we ergens boomstammen op de weg zien liggen, proberen we die op te ruimen. Niet alleen, maar samen met anderen. Die houding zit in ons DNA en mogen we nooit af laten sterven.”

Poldermodel

De regisseursrol die Start Foundation nastreeft, vraagt wel om een andere modus van haar organisatie. “Bij deze strategie moet je netwerken opbouwen, tegen heilige huisjes aanschoppen en continu de omgeving scannen op wat er gebeurt. Waar liggen kansen? Waar drempels? Je moet voor op de golf zitten om goed te kunnen handelen en indien nodig je instrumentarium aanpassen.” Bovendien ligt het gevaar op de loer dat je als innovatieve en strijdlustige voortrekker zo opgaat in het spel van samenwerken dat je onmerkbaar het poldermodel ingezogen wordt. Een risico waar Verhoeven van oudsher allergisch voor is. “Je gaat deel uitmaken van een circuit dat de problemen voor mensen met een arbeidsbeperking mede veroorzaakt. Met als gevolg dat je principes en doelen dreigen te verwateren. Tegelijk heb je anderen nodig om veranderingen ten goede te bereiken. Het is een wankel randje. Ik ben niet zo van de compromissen, maar je kunt ook niet alleen maar overal tegen zijn. Roepen en schreeuwen vanaf de zijlijn levert niet altijd wat op. Om als Start Foundation wat te kunnen bereiken, moeten beide aspecten in balans zijn.”

Dat laatste was het geval bij de eerste Social Impact Bond in Rotterdam, een van de wapenfeiten van Start Foundation uit 2013. Private partijen leggen geld op tafel om sociale problemen op te lossen, het idee is overgewaaid uit de VS. Die investering krijgen ze terugbetaald uit de besparingen op uitkeringen en andere maatschappelijke kosten. In Rotterdam schieten Start Foundation en ABN AMRO geld voor om werkloze jongeren aan een baan te helpen. “Dat we deze aanpak voor het eerst hebben kunnen toepassen, is fantastisch. Jammer was wel dat we bij de regelgeving een kunstgreep moesten accepteren waar we niet gelukkig mee waren. Ik ben er uiteindelijk wel trots op dat we erin zijn geslaagd om het concept van de grond te krijgen. Dat heeft drie jaar gekost. We zijn nu bezig met een nieuwe ‘bond’.”
Een ander project dat een nieuwe fase inging, was het zogeheten ‘crisiskrediet’ dat Start Foundation enkele jaren terug introduceerde om in de grond gezonde bedrijven door de recessie heen te helpen en zo banen te behouden. Dezelfde werkwijze heeft het Lokaal Investeringsfonds Eindhoven (LIFE) geadopteerd. De gemeente Eindhoven verstrekt de kredieten hiervoor,
Start Foundation zorgt voor de uitvoering. In 2013 vielen de resultaten van LIFE tegen. “Het behoud van betaalde werkgelegenheid blijkt een moeilijk begaanbaar pad. We zien dat bedrijven die in slecht weer zitten, zich vaak toch te laat melden. Ze komen om een minuut voor twaalf bij je binnen, terwijl ze eigenlijk al om half twaalf bij jou op de stoep moeten staan. Met als gevolg dat het alsnog fout gaat. Bij één bedrijf bijvoorbeeld maakten we aan het begin van de maand nog een ton crisiskrediet over, en twee weken later was het al failliet.”

Toch ontbreken de lichtpuntjes niet, memoreert Verhoeven. “Bij Taxi Korthout in Tilburg hebben we met ons geld een succesvolle doorstart mogelijk gemaakt. Daarbij lukte het om een aanzienlijk deel van de medewerkers met een arbeidsbeperking terug in dienst te nemen. Als je zoiets voor elkaar weet te krijgen, voel je weer meteen waarom je dit werk doet. Deze prestatie is des te meer reden voor trots, omdat de economie allesbehalve goed draait.”

Eyeopener

Hoe moeilijk het is om sociaal te ondernemen, toonde vorig jaar het onderzoek Passie en Poen aan, een coproductie van
Start Foundation en VSBfonds. Veel bedrijven die deze richting in willen, blijken het niet te redden. In het rapport werd ingegaan op de factoren die maken of een sociale onderneming slaagt, dan wel faalt. “Voor ons stonden er niet zulke verrassende conclusies in, maar voor de buitenwereld bleek het een eyeopener. Ons helpt zo’n rapport in ieder geval om scherp aan de wind te varen en het eigen kritisch vermogen op peil te houden.”

Een andere opvallende move van Start Foundation was het Meldpunt AUTI-Weigerscholen. Hier konden scholieren en studenten die het idee hadden vanwege hun autisme geweigerd te worden op het mbo, een klacht kwijt. Het meldpunt zorgde voor veel reuring in de media. Er kwamen meer dan tweehonderd klachten binnen van boze jongeren en hun verdrietige ouders, enkele schrijnende voorbeelden van vermeende discriminatie kwamen aan het licht, de boosdoeners onder de scholen werden tot hun grote woede met naam en toenaam genoemd, en de politiek en de Inspectie van het Onderwijs doken op de zaak. “Volgens de inspectie klopt het op papier allemaal. Wel moet de communicatie beter. Dat zie ik als een winstpuntje. Toch blijft het vreemd dat men voor het rapport wel de daders hoort, maar niet de slachtoffers. Gelukkig is de Tweede Kamer nog altijd niet klaar met deze kwestie. Zelf geloof ik er heilig in dat deze jongeren inderdaad op sommige scholen worden achtergesteld. En met het passend onderwijs wordt dit er niet beter op.”